Een financiƫle functie die hoort bij de hoofdstad

Dinsdag 23 februari 2016

Een financiële functie die hoort bij de hoofdstad

De financiën van de gemeente Amsterdam zijn op het totaal van de Nederlandse gemeenten in meerdere opzichten bijzonder: ruim € 1,5 miljard van het gemeentefonds gaat naar Amsterdam, de totale begroting is groter dan die van sommige ministeries en de mogelijkheden aan eigen inkomsten van de stad kent zijn gelijke binnen Nederland niet.

Als het gaat om de financiële functie van de stad, was er afgelopen jaren minder reden om jaloers te zijn: onbeheersbaar lijkende kosten van de Noord-Zuid lijn, woonkostenbijdragen die in totaal met een factor 100 te hoog werden uitgekeerd, een niet goed werkend financieel systeem en € 55 miljoen die moeilijk blijkt terug te vinden bij een recente inventarisatie van budgetten. Reden genoeg dus voor een enquêteonderzoek, dat door een commissie van de gemeenteraad van Amsterdam afgelopen periode is uitgevoerd. Maandag 22 februari 2016 werd het eindrapport gepresenteerd. Ard Schilder van Think Public Advies was lid van de expertgroep en geeft hier een korte reflectie op het onderzoek en het rapport.


Enquêtecommissie Financiële functie Amsterdam 2002 – 2014 en ondersteuning

(Foto Sander van der Torren)

Gaat het over alles of alleen de financiële administratie?

De aanleiding voor het enquêteonderzoek werd door veel mensen goed begrepen, maar er was in het begin twijfel over de reikwijdte en uiteindelijke relevantie. Zou de raad niet te veel hooi op zijn vork nemen of zou het uiteindelijk maar gaan om klein bier? ‘Klein’ is het rapport niet geworden: 471 bladzijden schoon aan de haak.
De enquêtecommissie heeft zijn onderzoek gestart met het afbakenen van de inhoud van het begrip financiële functie (hst 3). Die wordt breed maar tegelijkertijd overzichtelijk gepresenteerd als een set van financiële taken:
- Operationele financiële taken (administratie en specialismen)
- Planning &Controltaken (begroting, jaarrekening, tussentijdse rapportages)
- Beleids- en bestuursadviseringstaken (ondersteunen besluitvorming
- Kaderstelling (stellen van regels en toezien op geheel van taken)

In deze definitie komt het totaal van sturing op en met geld binnen de gemeente aan bod, van strategisch niveau (raad, college) tot operationeel niveau (administratief). Deze niveaus zijn helder onderscheiden, maar ook de relatie daartussen en de rol van verschillende partijen. Het rapport schept hiermee overzicht en tilt de aandacht voor financiën uit boven een liefhebberij en verantwoordelijkheid voor vakspecialisten.
In de beschrijving die volgt in het eindrapport, worden de resultaten van de vele bronnen die zij bestudeerd en de vele gesprekken die zijn gevoerd weergegeven. Taaie kost en veel bladzijden, maar dat zal te maken hebben met de volledigheid en zorgvuldigheid die binnen het openbaar bestuur nog altijd erg hoog in aanzien staan. Kern van dat alles: gedurendelange periode (onderzoeksperiode was van 2002 – 2014) en op alle niveaus is door alle betrokkenen onvoldoende prioriteit gegeven aan de financiële functie, terwijl aan de buitenkant wel het ene na het andere verbeterinitiatief volgde.

Te weinig prioriteit en sturing op verantwoordelijkheden

Negen grotere en een reeks kleinere verbeterinitiatieven gericht op de financiële functie beschrijft het eindrapport voor de periode 2002 tot en met 2014 (bijlage 6). Structurele problemen werden daarmee echter niet opgelost. De commissie is duidelijk in haar oordeel: te weinig prioriteit bij raad, college, verantwoordelijk wethouder en gemeentesecretaris. Er waren signalen dat dingen niet goed gingen, er waren pogingen om meer grip te krijgen op de financiën, maar het rapport maakt duidelijk dat de reacties daarop behoren tot de categorie ‘net niet’ en soms ‘helemaal niet’. De commissie spaart de raad niet: op belangrijke momenten als het inrichten van een Servicehuis Financien voor de hele gemeente, werd het gereserveerde budget voor een goede implementatie ergens anders aan besteed.
Te weinig prioriteit op bestuurlijke niveau vertaalde zich door naar te weinig sturing op verantwoordelijkheden binnen de ambtelijke organisatie. De verantwoordelijkheden ten aanzien van de financiële functie zijn in de onderzoeksperiode te weinig duidelijk geweest, maar dat lijkt een kip-ei probleem: niet voldoende sturen op verantwoordelijkheden nodigt ook niet uit deze duidelijk vast te stellen. En omgekeerd: onduidelijke vaststelling maakt sturing lastig.

Doorpakken vanuit momentum en versterken brede ‘esprit de corps’

De kunst voor Amsterdam is om het momentum dat er is nu voor verbetering van de financiële functie vast te houden. Dat momentum kan zomaar weer vervliegen als na een economisch goed 2015 de druk op de begroting van de stad klein is en zich flinke meevallers bij de jaarrekening 2015 gaan voordoen. Ondenkbeeldig is dat niet, zeker omdat van veel mensen op veel niveaus actie wordt gevraagd in het eindrapport, waarbij de vraag is ‘wie eerst?’Toch lijkt het besef er nu te zijn dat verbetering over de volle breedte nodig is en zijn de verbeteradviezen die de enquêtecommissie van de raad noemt voldoende concreet om vergetelheid te voorkomen. De raadscommissie benoemt ook duidelijk waar de eigen rol komende periode anders zal moeten zijn om verslapping te voorkomen. Interessant is het voorstel om bij de behandeling van belangrijke Planning & Control documenten twee raadsleden te benoemen als rapporteurs in iedere commissie (‘methode-Duisenberg’).
Om een financiële functie te krijgen die past bij de stad, is een brede ‘esprit de corps’nodig, die afgelopen periode heeft ontbroken. Dat ‘korps’ betreft een groep mensen die met elkaar de affiniteit en motivatie delen om goed te sturen op en met de gemeentefinanciën om de bewoners, bedrijven, bollebozen en bezoekers van Amsterdam maximaal waar(d) voor hun geld te geven. Die ‘community’ moet leden hebben van college tot financiële administratie en van het stadhuis tot de stadsdelen en diensten. De analyse en aanbevelingen van de enquêtecommissie raken al deze onderdelen van de gemeente en vormen in die zin een goede basis voor een toekomstige financiële functie waar de stad trots op kan zijn.Het komt nu aan op de mensen die dit waar gaan maken, “Want Amsterdam is gebouwd op palen, maar steunt op mensen” (quote eindrapport, bladzijde 29).

Wilt u meer informatie? Neem contact met ons op

info@thinkpublic.eu / 073 888 40 20